Plain old Java objects

POJO's bestonden al eerder, maar ze spelen nu een belangrijkere rol in de programmeermethode van Java™ EE 5. U kunt nu EJB-toepassingen met persistentiemogelijkheden maken met behulp van enterprisebeans en entiteiten die zijn gemaakt op basis van POJO's.

De complexiteit van het framework van Java 2 Enterprise Edition vormde eerder een belangrijke hindernis voor acceptatie. Met de Java EE 5-specificatie werd gezocht naar een eenvoudiger ontwikkelproces door POJO's te gebruiken als basis van het ontwerp. Het POJO-programmeermodel stelt u in staat om eenheden te testen buiten de toepassingenserver, waardoor het hele programmeerproces gelijkmatiger verloopt.

Een eenvoudige POJO

De volgende code is een voorbeeld van een eenvoudige POJO. Zoals u ziet, zijn er geen verwijzingen naar interfaces. Om deze POJO te kunnen gebruiken als basis van een EJB 2.1-toepassing zijn aanvullende frameworkklassen vereist ter ondersteuning. De klasse zelf moet aanvullende interfaces implementeren.

public class Test {

String name;

		/**
    *  Dit is een constructor voor een Test-object.
    **/
    public Test(){
    
        name = "Jane";

    } 

}

Om een EJB 3.0-bean te maken, plaatst u op het niveau van de klasse een annotatie die een component definieert. In het volgende voorbeeld wordt van een POJO een sessiebean zonder status gemaakt door de annotatie @Stateless toe te voegen.

@Stateless

String class Test {

	String name;

	/**
    *  Dit is een constructor voor een Test-object.
	    **/
    public Test(){

			name = "jane";

	}

}
In een echte toepassing is voor de POJO aanvullende bedrijfslogica vereist. Het basisidee achter het gebruik van POJO's in de context van de Java EE-specificatie is dat metagegevens van de component die u wilt koppelen rechtstreeks in de POJO worden opgenomen. Deze benadering verlaagt het aantal artefacts en maakt het eenvoudiger om de integriteit van uw metagegevens te behouden.
Het nieuwe op POJO's gebaseerde programmeermodel zorgt er bovendien voor dat u zich kunt concentreren op de Java EE 5-componenten in de Java-editor, in plaats van op het schrijven van bedrijfslogica in XML. Door te werken met deze ontwikkelsoftware kunt u profiteren van functies waarmee u het ontwikkelproces van Java EE 5-toepassingen nog verder kunt vereenvoudigen (zoals validatie terwijl u typt, contenthulp en herstructurering).